De Cirkel van Invloed: Rust en regie voor neurodivergente levens
- Gert de Heus

- 23 jan
- 7 minuten om te lezen

In een wereld vol prikkels, verwachtingen en onvoorspelbaarheid kan het voelen alsof alles je overkomt. Zeker voor mensen met autisme of andere neurodivergente profielen is het onderscheid tussen wat je wél en niet kunt beïnvloeden cruciaal. De Cirkel van Invloed biedt een helder, visueel kompas om regie terug te pakken en stress te verminderen.
Wat is de Cirkel van Invloed?
De Cirkel van Invloed is een psychologisch model dat onderscheid maakt tussen zaken waar je invloed op hebt (binnenste cirkel) en zaken waar je geen invloed op hebt (buitenste cirkel). Denk aan:
Wél invloed | Toelichting & Voorbeelden | Géén invloed | Toelichting & Voorbeelden |
Wat je denkt | Je kunt je gedachten onderzoeken, bijsturen of herformuleren. Bijvoorbeeld: “Ik faal” vervangen door “Ik leer nog.” | Wat anderen denken of voelen | Je kunt het niet sturen of voorspellen. Iemand kan zich gekwetst voelen, ook al bedoel je het goed. |
Hoe je reageert | Je kiest hoe je omgaat met situaties. Bijvoorbeeld: ademhalen voor je antwoordt. | De mening van anderen | Mensen vormen hun oordeel op basis van hun eigen perspectief. Je kunt het niet controleren. |
Je grenzen | Je mag aangeven wat voor jou werkt of niet. Bijvoorbeeld: “Ik wil nu rust.” | Het weer, de tijd, het systeem | Je kunt het niet veranderen. Het regent, de klok tikt, regels bestaan. Wel kun je je houding of planning aanpassen. |
Je gedrag | Je kiest wat je doet. Bijvoorbeeld: wel of niet deelnemen aan een gesprek. | Wat een ander zegt | Je kunt niet bepalen wat iemand uitspreekt. Wel kun je aangeven hoe het op jou overkomt. |
Je inzet | Je bepaalt hoeveel energie je ergens in steekt. Bijvoorbeeld: “Ik doe mijn best, ook al lukt het niet.” | Wat een ander wil | Iemand kan iets van je verlangen, maar jij bepaalt of je daaraan voldoet. |
Hoe je voor jezelf zorgt | Je kiest hoe je omgaat met je lichaam, rust, voeding, prikkels. Bijvoorbeeld: noise cancelling gebruiken. | Hoe een ander zich gedraagt | Je kunt gedrag niet sturen. Wel kun je grenzen stellen of afstand nemen. |
Wat je zegt | Je kiest je woorden. Bijvoorbeeld: “Ik voel me overprikkeld” in plaats van “Jij doet irritant.” | Hoe een ander reageert | Je weet nooit zeker hoe iemand jouw gedrag of woorden interpreteert. |
Hoe je je laat raken | Je kunt oefenen met afstand nemen of herwaarderen. Bijvoorbeeld: “Dit zegt iets over hen, niet over mij.” | De uitkomst van situaties | Je kunt je best doen, maar het resultaat hangt vaak van meerdere factoren af. |
Wat je aantrekt | Je kiest kleding die bij jou past qua comfort, stijl of prikkelverwerking. | Culturele normen | Wat ‘normaal’ is, verschilt per context. Je kunt je aanpassen, maar niet de norm veranderen. |
Je mening | Je mag een eigen visie hebben, ook als die afwijkt. Bijvoorbeeld: “Ik vind stilte fijn.” | Sociale verwachtingen | Wat ‘hoort’ of ‘gebruikelijk’ is, ligt buiten jouw controle. Wel kun je kiezen hoe je ermee omgaat. |
Hoe je omgaat | Je kiest je omgangsvormen: vriendelijk, assertief, teruggetrokken. | De geschiedenis | Wat gebeurd is, kun je niet veranderen. Wel kun je je verhouding tot het verleden vormgeven. |
💡 Tip voor gebruik: Print deze tabel uit en markeer met kleuren wat jou energie kost en wat je energie geeft. Zo wordt zichtbaar waar je regie kunt nemen en waar je mag loslaten.
Door je aandacht te richten op de binnenste cirkel, ontstaat rust, overzicht en autonomie. Je energie gaat niet langer verloren aan frustratie over het oncontroleerbare.
Waarom is dit zo waardevol voor neurodivergente mensen?
Neurodivergente mensen krijgen in het dagelijks leven vaak te maken met een voortdurende stroom van sociale verwachtingen die kunnen leiden tot overprikkeling. Het inschatten van wat anderen precies van hen verlangen kost veel energie en blijft vaak onzeker terrein. Daarbovenop kunnen onrealistische normen zorgen voor schuldgevoelens of faalangst, omdat het lijkt alsof je voortdurend tekortschiet. Ook het idee van wat ‘normaal’ gedrag zou moeten zijn, kan verwarrend zijn en voelt soms als een bewegend doelwit.
De Cirkel van Invloed brengt helderheid in die complexiteit. Het model maakt zichtbaar welke elementen echt bij jou horen en welke bij de ander liggen. Dat onderscheid geeft rust en richting. Het is een hulpmiddel dat zowel zelfzorg ondersteunt als communicatie eenvoudiger maakt, omdat het helpt om grenzen, verwachtingen en verantwoordelijkheden duidelijker te zien.ie.
Praktisch gebruik: van inzicht naar actie
Begeleiders en ouders kunnen de Cirkel van Invloed op verschillende manieren inzetten om meer rust, duidelijkheid en wederzijds begrip te creëren. In gesprekken helpt het model om scherp te krijgen welke onderdelen van een situatie wél beïnvloedbaar zijn en welke niet, zodat er ruimte ontstaat om los te laten wat buiten de eigen regie valt. In de begeleiding van kinderen en jongeren ondersteunt de cirkel bij het ontwikkelen van zelfregie, het herkennen van grenzen en het oefenen met keuzes maken die passen bij hun energie en mogelijkheden. Visuele hulpmiddelen, zoals werkbladen of schema’s, maken daarbij inzichtelijk waar aandacht en inspanning zinvol zijn en waar onnodige spanning ontstaat door te focussen op factoren die niet te sturen zijn.
Een veelvoorkomend voorbeeld is een kind dat niet wil eten. De eetlust zelf ligt buiten iemands invloed, maar de manier waarop je als ouder of begeleider reageert, valt wél binnen de eigen cirkel. Door dat onderscheid expliciet te maken, ontstaat er minder druk, blijft de situatie rustiger en blijft er ruimte voor respectvolle interactie.
Reflectievragen om mee te starten
Waar maak ik me zorgen over?
Heb ik hier invloed op?
Wat kan ik doen binnen mijn cirkel?
Wat mag ik loslaten?
Online tool: Wat is mijn Cirkel van invloed
De tool helpt je stap voor stap te onderzoeken welke onderdelen van een situatie binnen je eigen invloed ligt en welke niet. Door eerst de zorg te verhelderen en daarna via controlevragen te onderscheiden wat van jezelf is en wat bij de ander hoort, ontstaat er meer overzicht en rust. De tool ondersteunt bij het formuleren van concrete acties binnen de eigen cirkel én bij het bewust loslaten van zaken die niet te sturen zijn. Zo wordt zichtbaar waar energie zinvol is en waar spanning kan worden verminderd.
De Cirkel van Invloed is geen quick fix, maar een kompas. Het helpt je om keuzes te maken die passen bij jouw energie, waarden en grenzen. Voor neurodivergente mensen is dat geen luxe, maar noodzaak. Want regie begint bij weten waar je wél invloed hebt.\
Theoretisch kader: Waarom een cirkel van invloed?
De cirkel van invloed is een psychologisch en filosofisch kader dat helpt onderscheid te maken tussen wat mensen wél en níet kunnen beïnvloeden. Het model wordt vaak gebruikt in coaching, therapie en onderwijs om stress te verminderen, zelfregie te vergroten en energie te richten op haalbare verandering.
Onder de motorkap sluit de cirkel van invloed aan bij drie belangrijke tradities: de Stoïcijnse filosofie, de psychologische theorie over locus of control en het werk van Stephen Covey over persoonlijke effectiviteit.
Filosofische basis: Stoïcisme en de tweedeling controle/niet-controle
De wortels van het idee liggen bij de Stoïcijnse filosofen, zoals Epictetus, Seneca en Marcus Aurelius. Zij maakten een fundamenteel onderscheid tussen zaken die binnen onze macht liggen en zaken die dat niet doen. Epictetus formuleerde het als volgt: sommige dingen zijn binnen onze macht (meningen, verlangens, afkeer, onze eigen handelingen), andere niet (ons lichaam, bezit, reputatie, status).
De kern van deze benadering is:
Binnen invloed: interpretaties, gedachten, houding, keuzes, reacties.
Buiten invloed: gedrag van anderen, toeval, omstandigheden, tijd, weer.
De Stoïcijnen stelden dat psychisch lijden vaak ontstaat wanneer mensen hun energie richten op wat niet te sturen is, in plaats van op hun eigen oordelen en reacties. De moderne cirkel van invloed vertaalt dit klassieke onderscheid naar een praktisch, visueel model.
Psychologische basis: locus of control, controlebeleving en coping
In de moderne psychologie sluit de cirkel van invloed nauw aan bij het concept locus of control: de mate waarin iemand gelooft dat uitkomsten in het leven vooral door eigen handelen (interne locus) of door externe factoren (externe locus) worden bepaald. Een meer interne locus hangt samen met meer gevoel van competentie, betere coping en minder hulpeloosheid, mits realistisch.
Belangrijke mechanismen:
Controlebeleving: het gevoel invloed te hebben op relevante uitkomsten vermindert stress en bevordert veerkracht.
Copingstrategieën: probleemgerichte coping is vooral effectief wanneer er daadwerkelijk beïnvloedbare aspecten zijn; acceptatie en loslaten zijn passender bij niet-beïnvloedbare factoren.
Zelfeffectiviteit (self-efficacy): het geloof dat je met eigen gedrag verschil kunt maken, versterkt motivatie en doorzettingsvermogen.
De cirkel van invloed fungeert hier als een cognitief hulpmiddel: het helpt mensen expliciet te onderscheiden waar probleemgerichte actie zinvol is en waar acceptatie of herwaardering passender is.
Covey’s model: cirkel van betrokkenheid en cirkel van invloed
Stephen Covey populariseerde het model in zijn werk over persoonlijke effectiviteit. Hij onderscheidt een cirkel van betrokkenheid (circle of concern) en een cirkel van invloed (circle of influence).
Cirkel van betrokkenheid: alles waar iemand zich zorgen over maakt of emotioneel bij betrokken is (gezondheid, politiek, gedrag van anderen, systemen).
Cirkel van invloed: het deel daarvan waarop iemand daadwerkelijk invloed kan uitoefenen (eigen gedrag, keuzes, communicatie, grenzen).
Wanneer de cirkel van betrokkenheid veel groter is dan de cirkel van invloed, en iemand vooral focust op niet-beïnvloedbare zaken, neemt stress, frustratie en gevoel van machteloosheid toe.
Covey koppelt dit aan twee stijlen:
Proactieve focus: aandacht en energie richten op de cirkel van invloed; dit vergroot vaak geleidelijk die cirkel.
Reactieve focus: aandacht richten op externe omstandigheden; dit verkleint de ervaren invloed en vergroot stress.
De drie cirkels: controle, invloed en betrokkenheid
In recente psychologische uitwerkingen wordt vaak gewerkt met drie concentrische cirkels:
Cirkel van controle: wat iemand direct kan sturen (eigen gedrag, keuzes, woorden, grenzen).
Cirkel van invloed: wat iemand indirect kan beïnvloeden via relatie, communicatie of samenwerking (afspraken, processen, groepsdynamiek).
Cirkel van betrokkenheid: alles wat iemand raakt, maar waar geen directe invloed op is (macrobeleid, weer, grote systemen).
Deze driedeling verfijnt het oorspronkelijke Stoïcijnse model door een “grijze zone” toe te voegen: situaties waarin iemand niet alles, maar wél iets kan beïnvloeden. Dit is belangrijk voor realistische hoop: mensen leren zien dat ze niet almachtig zijn, maar ook niet volledig machteloos.
Effecten op stress, veerkracht en functioneren
Onderzoek en praktijkervaring rond controlebeleving en coping laten zien dat het expliciet werken met cirkels van controle en invloed verschillende positieve effecten kan hebben:
Stressreductie: minder piekeren over niet-beïnvloedbare factoren, meer focus op concrete stappen.
Verhoogde zelfregie: mensen ervaren meer handelingsruimte en autonomie.
Betere prioritering van energie: energie gaat naar haalbare veranderingen in plaats van naar machteloze frustratie.
Verbeterde relaties: door onderscheid te maken tussen eigen verantwoordelijkheid en die van de ander, wordt communicatie duidelijker en minder beschuldigend.
Tegelijkertijd is nuance essentieel: een te sterke nadruk op “eigen invloed” kan omslaan in zelfverwijt (“ik had dit moeten kunnen oplossen”). Het model werkt het best wanneer het expliciet erkent dat sommige omstandigheden structureel, systemisch of medisch bepaald zijn, en dat acceptatie en grenzen stellen óók vormen van gezonde regie zijn.
Implicaties voor begeleiding en educatie
In begeleiding, coaching en psycho-educatie kan de cirkel van invloed dienen als:
Psycho-educatief model: om uit te leggen hoe aandacht, energie en controlebeleving samenhangen.
Reflectietool: om concrete situaties te analyseren: wat is van mij, wat is van de ander, wat is van het systeem?
Interventiekader: om passende coping te kiezen (handelen, onderhandelen, hulp vragen, accepteren, loslaten).
Door het model te koppelen aan individuele voorbeelden en context (zoals gezin, school, werk of zorgsysteem) wordt het geen abstract schema, maar een praktisch kompas voor dagelijkse keuzes.




Opmerkingen