Kennisbank autismeportaal
top of page

Een positieve mindset bij autisme: klein, haalbaar en zonder jezelf te forceren

10 uur geleden
4 minuten om te lezen

Een positieve mindset betekent niet dat je altijd vrolijk moet zijn of moeilijke gevoelens moet wegdrukken. Het gaat erom dat je vriendelijker en realistischer leert kijken naar jezelf, je mogelijkheden en wat er op een lastig moment wél kan. Juist bij autisme kan dat helpend zijn.


Onverwachte veranderingen, sociale verwachtingen, overprikkeling en een sterke innerlijke criticus kunnen veel energie vragen. Een steunende manier van denken kan dan houvast geven, stress helpen begrenzen en herstel ondersteunen.

 

Positief denken is niet hetzelfde als alles positief maken

Een positieve mindset ontkent problemen niet. “Dit komt wel goed” kan onprettig voelen wanneer je overprikkeld of uitgeput bent. Een bruikbaarder uitgangspunt is: “Dit is moeilijk, en ik mag onderzoeken wat mij nu helpt.” Zo geef je ruimte aan wat er werkelijk is én aan een mogelijke volgende stap.

 

Bij autisme werkt positiviteit vaak het beste wanneer die concreet, voorspelbaar en geloofwaardig is. Kies liever voor helpende gedachten die bij jou passen dan voor grote affirmaties waarin je niet gelooft. “Ik hoef niet alles tegelijk te doen” kan bijvoorbeeld meer rust geven dan “Vandaag wordt perfect.”

 

Begin de dag op een prikkelvriendelijke manier

Een rustige start kan de overgang van slapen naar de dag verzachten. Dat hoeft niet vroeg en ook niet uitgebreid. Kies een vaste, haalbare volgorde, zoals opstaan, iets drinken, aankleden en kort bekijken wat er op de planning staat. Leg spullen eventueel de avond ervoor klaar en bouw extra tijd in voor schakelmomenten.

 

Kies vervolgens één helpende zin, bijvoorbeeld: “Ik mag vandaag mijn eigen tempo volgen”, “Pauze nemen is goed voor mij” of “Ik hoef alleen de eerstvolgende stap te doen.” Een geschreven kaartje, pictogram of melding op je telefoon kan ook werken.

 

Maak je planning realistisch

Een planning geeft overzicht, maar een te volle planning kan juist druk veroorzaken. Selecteer één belangrijke taak en hooguit enkele kleinere taken. Plan herstelmomenten alsof het echte afspraken zijn. Denk aan stilte, bewegen, een vertrouwde activiteit of tijd zonder sociale verwachtingen.

 

Houd ook rekening met verandering: “Dit is mijn plan A. Als mijn energie lager is, kies ik plan B.” Aanpassen is geen mislukking, maar een vaardigheid.

 

Van negatieve zelfspraak naar een helpende gedachte

Negatieve gedachten komen vaak automatisch op. Je hoeft ze niet te bestrijden; je kunt ze eerst opmerken en daarna herformuleren. Verander “Ik kan dit nooit” bijvoorbeeld in: “Ik weet nog niet hoe dit moet. Ik kan informatie vragen, oefenen of de taak opdelen.” Verander “Ik stel me aan” in: “Mijn systeem geeft aan dat het te veel is. Ik mag daarop reageren.”

 

Een helpende gedachte moet niet alleen positief klinken, maar ook waar en toepasbaar voelen. Vraag jezelf af: zou ik dit ook zeggen tegen iemand om wie ik geef?

 

Zie overprikkeling niet als persoonlijk falen

Bij overprikkeling is positief denken alleen meestal niet genoeg. Verminder eerst de belasting: zoek een rustige plek, dim licht, gebruik gehoorbescherming, stel een taak uit of vraag iemand om duidelijkheid. Pas wanneer je zenuwstelsel wat rustiger is, ontstaat er ruimte om na te denken.

 

Herinner jezelf dan aan: “Mijn reactie heeft een reden”, “Ik hoef dit niet nu op te lossen” of “Herstel is op dit moment mijn taak.” Dit is geen opgeven, maar goed voor jezelf zorgen.

 

Een praktisch script voor moeilijke momenten

Gebruik dit script wanneer je vastloopt, spanning voelt of merkt dat een gedachte steeds negatiever wordt. Je kunt het opschrijven, inspreken of inkorten tot een persoonlijk kaartje.

 

1. Stop en benoem: “Ik merk dat ik spanning, onrust of overprikkeling ervaar.”

2. Erken: “Dit is echt lastig. Ik hoef het niet kleiner te maken dan het is.”

3. Controleer je basisbehoefte: “Heb ik nu minder prikkels, meer duidelijkheid, eten, drinken, beweging, rust of hulp nodig?”

4. Kies één kleine stap: “Mijn eerstvolgende stap is …” Vul iets concreets in, zoals vijf minuten naar een rustige plek gaan, één vraag stellen of alleen het document openen.

5. Gebruik een steunende zin: “Ik hoef niet alles tegelijk te kunnen. Eén stap is genoeg.”

6. Evalueer later: “Wat hielp? Wat kan ik de volgende keer eerder inzetten?”

 

Voorbeeld in de praktijk

Stel dat een afspraak onverwacht verandert. Je merkt paniek en denkt: “Nu lukt de hele dag niet meer.” Het script kan dan zo klinken: “Ik merk dat deze verandering veel spanning geeft. Dat is begrijpelijk, want ik had me voorbereid op het oorspronkelijke plan. Ik heb nu duidelijkheid en tien minuten rust nodig. Mijn eerste stap is vragen hoe laat de nieuwe afspraak begint. Daarna bekijk ik opnieuw wat vandaag haalbaar is.”

 

Sluit de dag vriendelijk af

Kijk aan het einde van de dag niet alleen naar wat af is, maar ook naar wat energie heeft gekost. Vraag jezelf: wat ging voldoende goed, waar heb ik mijn grens opgemerkt en wat wil ik morgen makkelijker maken? Schrijf desgewenst één klein succes op. Ook rust nemen, hulp vragen of stoppen voordat je over je grens gaat, telt als succes.

 

Positiviteit die bij jou past

Een positieve mindset is geen verplicht optimisme en geen vervanging voor passende ondersteuning. Het is een manier om jezelf minder hard te beoordelen en meer ruimte te maken voor keuzes die bij jouw brein en energie passen. Begin klein, gebruik woorden die geloofwaardig voelen en pas het script gerust aan. Het doel is niet een perfecte dag, maar een dag waarin je jezelf beter kunt ondersteunen.

Opmerkingen


bottom of page